About writing fiction and trying to sell it

My novel was published through Createspace, and I’m rather pleased with the entire process. Createspace is a related to Amazon, which means that any stories you publish through there, become available on Amazon and on Kindle. There are no costs. I didn’t pay a thing. Createspace provided me with free templates for me to paste my stories into, and with Flash wizards to create a cover and proof my book. I could have ordered a free proofread copy of my book, but since it would be printed in the US, it would have taken a long time to get here. I can monitor and edit everything that happens on my book’s amazon page, the sales, the reviews, and the description of the book.

All in all, I’m happy that I live in these modern times where publishing a book is no longer only for people with a professional agent, or for people who flawlessly and patiently jump through all the hoops that the Real Publishers prescribe before they even let their interns read the manuscript. They call it the Slushpile, and we struggling new writers should be grateful when we are elevated from it at their magnanimous whim. Publishers are a lot like music labels. I’m so glad I can just publish my own stories now.

Writers are not like Richard Castle. Most writers, even if they have published a number of relatively popular books, struggle to get by financially. Jim Hines wrote a blog about his income every year, just to give people an idea of the money a writer makes, and last year he created a survey.

My favourite writer is Lois McMaster Bujold, because of this book.¬†It is by far the most beautiful book I have ever read. And yes, I am a big fan of Neil Gaiman and Patrick Rothfuss too. That’s not my point. My point is that you’ve probably never heard of my favourite book before. Writing an amazing book does not guarantee fame, nor an income. Writers are just like other artists: misunderstood and mostly broke.

I write because it is possibly the only thing I am really passionate about: writing a good story. I am lucky to have found more than one medium; I also write larp plot sometimes. I have no hope of ever being able to sustain myself financially by just writing, which makes me feel like work is a chore I have to do so I don’t have to live in poverty while I write more stories.

Feeling good about your work is not about being rewarded, it’s about progress

I’ve been playing Dark Souls a lot these past weeks. Gotta do something when you’re jobless, right? And beside patience, this game has taught me something very valuable, something that goes beyond videogames. This extends into my working life and my social life as well.

Dark Souls is purported to be a really hard, challenging game. For example the part of the game that’s called Sen’s Fortress. Let me recount to you how my first playthrough of Sen’s Fortress went…

I walk up from the safe place over a stone bridge through the open gate into the fortress. I trip over a pressure plate and take four arrows in the face while two snakeheaded demons with scimitars storm towards me. When I barely survive that, I arrive in this room:

While I’m trying not to get horribly sliced by the swinging axes and fall into the pit where a headless undying demon will smash me to a pulp, a snakeheaded demon is shooting lighting bolts at me from a ledge and another snakehead is waiting to attack me with his scimitar halfway the bridge. When I’ve made it across two bridges like this, and I have survived another full hit in the face from an arrow trap pressure plate, I arrive on a staircase that feels wrong somehow. I turn to look what that rumbling sound is and a giant cannonball thunders towards me and rolls me out over the staircase like a hunk of dough.

I understand why some people would call this game hard, and I must admit that I was a little overwhelmed after all that. But let me recount to you how my most recent visit to Sen’s Fortress went:

As I enter the fortress, I step up into the space where I know one seprent soldier can see me while the other can not. As he dashes to wards me, I step onto the pressure plate and the four arrows in his back dispatch him. I defeat the other one with a fireball to the face. I hum a song to help me time my path over the bridge with the swinging axes, and I defeat the other serpent men with fireballs as well. I check my message that warns people for the second pressure plate and then dodge it. The arrows don’t ever go off. I time my run up the stairs carefully to avoid being hit by any cannonballs. The mimic is defeated with more fireballs before it can even try to devour me and then I take the elevator up without letting any of the spikes in the shaft hurt me and I pull the lever that makes all the cannonballs stop rolling down the stairs.

The Fortress’s traps and enemies did not become any easier. They were simply consistent. I worked to get to know the (literal and metaphorical) pitfalls and how to avoid them. The game does not need to reward me with giant letters that say YOU WIN! across the screen. The smooth progress in the game is its own reward.

Friends, colleagues and family do not need to thank me or give me gifts for my hard work, they just need to show me that what I do has an impact, that there is progress or some kind of change. Change is its own reward.

Spirituele shit

Mijn persoonlijke spirituele gevoelens en geloof zijn gestoeld op twee bekende principes. Maar misschien niet op de manier als ze meestal worden aangehaald.

Epicurus legde het duidelijk uit: https://en.wikipedia.org/wiki/Problem_of_evil

Mijn conclusie: wat men god noemt, hetgene dat men aanbidt in verschillende geloven, is geen omnipotent goed wezen. Wat het wel is? Dat weten we niet. Nee, echt waar, ook die mensen die heel erg overtuigd zijn van hun eigen geloof, ook die weten het niet. Niemand weet het zeker. Daarom is het ook geloven.

Het probleem van proberen te verklaren hoe deze wereld werkt, legt Plato uit: https://en.wikipedia.org/wiki/Allegory_of_the_Cave

Mijn conclusie: we zijn als mensen gewoon niet goed in staat om de wereld in zijn geheel te aanschouwen. We kunnen slechts de schaduwen waarnemen en daarop baseren wat wij geloven dat de werkelijkheid is en hoe het werkt. We kunnen alleen maar vertrouwen in onze eigen waarneming van de schaduwen, meer hebben we niet.

Waarom deze filosofieles? Dit verklaart hoe ik aankijk tegen veel onbewezen en/of spirituele praktijken. Wat andere mensen voelen en geloven, moet je in hun waarde laten, net als ik in mijn waarde gelaten wil worden over wat ik geloof. Dit verklaart hoe ik op jonge leeftijd niet veel heil zag in het hervormd christelijke geloof dat mij werd geleerd op school. Geen enkele tak van het christelijk geloof stelde mij gerust dat ik een gewoon mens ben, terwijl ik mensen kan horen denken, wezens zonder lichaam kan waarnemen, en emoties en energie kan proeven.

Ik geloof niet dat een omnipotent wezen mij deze kracht heeft gegeven met een doel. Ik weet niet of er iets is wat een doel heeft in deze wereld. Hoe meer ik om me heen kijk, hoe meer ik geloof dat we hier gewoon allemaal doelloos aan het bestaan zijn. Zingeving is iets wat je zelf moet doen.

Ik geloof wel in mijn eigen waarnemingen. Ik zie wat ik zie, ik voel wat ik voel, ik kan daarin vertrouwen, en dat doe ik nu al enkele jaren. Maar wat het betekent? Dat weet ik niet. Dat weet niemand zeker.

Enkele jaren lang heb ik boeken verslonden, op zoek naar hoe de menselijke geest werkt. Wat zijn dromen? Wat zijn hallucinaties? Psychosomatica. Wat kan een mens zichzelf allemaal wijsmaken? Ik ben een scepticus en Ockham’s scheermes is handig. Als ik dingen hoor en voel die anderen niet waarnemen, ligt het misschien aan mij. Ik heb psychologische werken verslonden. Hoe werkt menselijke interactie en communicatie? Wat zijn emoties? Hoe uiten we die en hoe delen we die met elkaar?

Mijn conclusie: Ik heb veel empathie en een natuurlijke aanleg voor cold reading, ik lees mensen onbewust en gebruik deze informatie om beter met ze om te gaan.

Zijdelingse conclusie: hypnose is superinteressant.

TL;DR: hypnose is een betrouwbare manier om mensen te helpen in trance te gaan en zich dingen in te beelden en voor te stellen en daarmee dingen te laten voelen. Het is geen mystieke kracht en het is ook geen mind control. Het lange verhaal over hypnose en de menselijke geest kan ik later nog wel eens vertellen.

Ik dwaalde af in mijn onderzoek. Van trance ging ik naar meditatie, eerst een snufje mindfulness en daarna wat tantrische en taoistische achtergrond. Ik ben een vreselijke amateur in deze beide gebieden, maar ik weet nu hoe ik kan mediteren voor gemoedsrust, voor de verbetering en onderhoud van mijn lichamelijke gezondheid, en voor balans en controle over mijn eigen buien en gedrag.

Vanaf daar was het maar een kleine stap naar reiki, waarin ik ook nooit een officiele initiatie heb gehad, maar waar ik door de hulp van een goede vriend wel mee heb leren spelen. En via die vriend kwam ik weer uit bij wicca en ouderwetse hekserij, met een zijdelingse blik op Crowley’s boeken en een snufje satanistische filosofie. Het recept en de semantiek van hekserij deed me denken aan NLP en visualisatie, wat ik had bestudeerd toen ik hypnose leerde. Gek hoe het allemaal met elkaar verbonden lijkt te zijn. Of eigenlijk helemaal niet gek. Alles is verbonden.

Dat is de conclusie van mijn bij elkaar geraapte geloof, alles is verbonden. Chaos theorie en butterfly effect. Het leven heeft geen reden, geen hoger doel, maar alles wat gebeurt heeft consequenties, en door kleine duwtjes op de juiste plek, door het lezen van het patroon en jezelf aanpassen aan wat je wilt bereiken, is alles mogelijk. Mijn samenraapsel maakt dat ik me eindelijk thuisvoel in mijn eigen lichaam met mijn eigen vaardigheden.

Ik ben de beste ik die ik kan zijn. Alles is verbonden. En ik ben tevreden met mijn plekje.

Death

It is a sad truth that lots of people die every day. I didn’t know any of the people who died yesterday. Or today. Or tomorrow. I have no reason to be sad. I just liked the sound of his voice.

We can’t go into mourning every time someone dies. It would make life into a funeral march. Let us celebrate life and the beautiful art our heroes gave us.

Migraine

Migraine is een onbeschrijfelijke pijn.

Ik zou het kunnen proberen te beschrijven… Een ijskoude spies die door mijn rechter wenkbrauw mijn grijze massa in boort. Maar werkelijk, wie weet er nu hoe dat voelt?

Ik kan niet scherp zien als ik migraine heb. Lichtvlekken dansen in mijn ooghoeken. Mijn evenwichtsorgaan lijkt er van overtuigd dat alles eindeloos draait. En als ik dan ga liggen in een donkere kamer, zonder prikkels, dan doet het nog steeds gruwelijk zeer. Migraine doet er uren over om aan te zwellen tot een crescendo waarvan mijn maag zich uitwringt totdat mijn gezicht nat is van de tranen.

Het is gek eigenlijk, dat deze aanval mij nu treft. Ik probeer al jaren patronen te ontdekken in mijn aanvallen. Dat zijn de dingen waar ik over nadenk als ik in het donker ligt te wachten tot het voorbij is. Wat heeft deze aanval veroorzaakt? Hoe had ik het kunnen voorkomen?

Stress is een factor, zeggen veel mensen, dus ik doe aan zen en mindfulness en tegenwoordig ga ik steeds beter met stressvolle situaties om. Het weer kan een factor zijn, fel zonlicht, temperatuurswisselingen, daarom draag ik altijd een zonnebril en ben ik al een paar dagen niet buiten geweest nu met dit gure weer. Andere mensen zeggen dat het komt door wat je eet. Daarom zorg ik altijd dat ik genoeg vitaminen en mineralen binnenkrijg, daarom ben ik altijd zo voorzichtig met koffie en suiker en vet en al die andere dingen die zo slecht voor je zijn.

Ik doe zo mijn best. Elke dag, de hele dag, opletten, goed voor mezelf zorgen, mezelf de rust en ruimte gunnen die ik heb geleerd dat ik nodig heb. Nee zeggen tegen leuke dingen, tegen mensen die op mij rekenen. Sorry, ik kan er niet bij zijn. Ik moet weer terug naar mijn bed. Alleen in het donker met mijn schuldgevoelens en de overtuiging dat een zwakkeling ben. Want ik lig hier maar te liggen. Ik doe niks. En het doet zo zeer. Zo gruwelijk zeer.

Ik doe zo mijn best goed te leven. Waarom helpt het niet?

Sterfdag

Ik vind het een raar woord, maar dat komt misschien omdat ik ook nooit echt waarde hecht aan verjaardagen en trouwdagen. Mijn lief heeft het in onze kalender geschreven, het is een herinnering voor hem aan de dag dat hij voor het laatst zijn vader’s hand vasthield. Aan de zware beslissing om de zorg en de medicijnen en de pogingen van allerlei dokters stop te zetten, omdat het genoeg was geweest. En aan de ijzige koude dag in de kerk en op de begraafplaats waar zoveel mensen hun medeleven en steun kwamen betuigen voor ons verlies.

Weinig van hen weten hoe zwaar het was voor hem, ik moet bekennen dat ik het ook niet kan bevatten, mijn lief is een stille, hij gaat door met het leven en staat er niet vaak bij stil. Als hij dat wel doet, zie ik hem broos worden, breekbaar, zoals zijn vader in dat ziekenhuisbed. Het is een familie van hele koppige mensen, toegeven dat het zwaar is, ondraaglijk misschien, dat kunnen ze geen van allen. Hij valt even stil, zijn ogen worden vochtig en zijn stem breekt, voor een enkel moment. En dan stopt hij het weer weg. Schraapt hij zijn keel, kijkt om zich heen naar de wereld en alle dingen die hij nog moet doen en gaat aan de slag. Hij lijkt zo op zijn vader…

Het is een zware tijd geweest. Toen Moeke eenmaal begraven was, trok zijn vader zich terug. Hij liet ons niet weten hoe het precies met zijn gezondheid ging, en op familiedagen en verjaardagen verstopte hij zijn slechte gezondheid achter grapjes en gemopper. Mijn lief wilde ook liever niet het verlies onder ogen komen, we bezochten zijn vader niet vaak en we hadden hem ook niet veel te zeggen. Hij kon slecht voor zichzelf zorgen en tegelijkertijd weigerde hij vaak hulp. Het was een pijnlijke situatie.

Het huis is nog niet verkocht, dat gaat moeizaam, het is een luxe huis, weinig vraag naar. Mijn lief komt er liever niet, alsof het verlies daar als een beklemmend spook rondwaart, ook al hebben we het huis al helemaal verkoopklaar gemaakt. Toegeven dat hij liever niet in dat huis komt, is ook zo’n breekbaar moment. Hij vergeet het liever dat deze dingen hem dwarszitten, hij vergeet deze gevoelens letterlijk, hij ploetert door met het dagelijks leven, vuilniszakken, winterbanden, de rollenspelvereniging.

Ik weet wat zijn moeder zou hebben gedaan. Eindeloos pogen een gesprek op gang te brengen over het verlies en alle gevoelens. Vinger op de pijnlijke plek. Mijn lief vond dat ze zeurde. Hij vond dat moeilijk vroeger, nam de telefoon niet op als zijn moeder belde, geen zin in het gezeur. Dus ik weet in ieder geval wat ik niet moet doen.

Als hij even broos wordt, neem ik hem in mijn armen. Ik kan me niet goed voorstellen wat hij voelt. Toen we vorige week iets ingrijpends meemaakten, wilde ik meteen mijn ouders bellen. Grappig, want mijn moeder moppert ook wel eens dat ik niet vaak genoeg bel. Mijn ouders zijn er nog. Die van hem niet meer.

“Stomme ouders,” moppert hij dan, alsof het kinderen zijn die hem een duw hebben gegeven waardoor hij op zijn neus is gevallen. Meer komt er niet uit. Het lijkt alsof hij niet de rust kan vinden die ik heb gevonden, de berusting dat ze nooit meer beter zouden worden en dat ze nu in ieder geval niet meer hoestend met pijn op hun borst allerlei medicijnen hoeven in te nemen.

We hebben ze allebei zien sterven, misschien niet op het moment zelf, maar wel over de loop van een aantal maanden. We hebben gezien hoeveel zieker ze werden van in het ziekenhuis verblijven, en hoe weinig alle medicijnen leken te helpen. We hebben gezien hoe afhankelijk ze waren van elkaar, hoe bang ze waren van de dood, en van echt tegen ons zeggen wat ze voelden. We hebben hun lichamen zien kromtrekken en vermageren, hun huid werd doorzichtig en hun ogen glazig. Hun handen waren koud en hielden ons maar slapjes vast. Handen vasthouden. Hem vasthouden is het enige wat ik kan doen, lijkt het soms.

Die breekbare momenten geven mij niet-gevoelens: Ik wil dit niet, ik kan dit niet aanzien, ik kan het niet beter maken, ik weet niet wat ik ermee moet. Hem vasthouden, hem overeind houden, hem weer zien glimlachen, dat is alles wat ik wil.

Acting my age?

I often read John Scalzi’s blog Whatever, and today he shared an old video of his daughter when she was young and adorable. It gave me mixed feelings. Then a friend on facebook changed her profile picture to the inspirational message: “There is absolutely no good reason to act your age.” Now I just have to write about my feelings…

I hate being reminded that I was a cute little girl once, my family has noticed that more than once. I still hate princess pink and bows in hair and many other cute things. I do not want to be cute. I feel that being called cute somehow cancels out my wisdom and my wicked smarts. If people think I’m cute, they won’t take me seriously, they won’t believe I’m skilled and organised and qualified. And I worked hard to become this skilled and wise. I won’t let a dash of hot pink take that away.

It’s silly of course, most things happen at the same time. Meredith Brooks taught us that we can be many things at the same time, and life in general has taught me in the past few years that I am a polymath with many labels. Still, I haven’t overcome my loathing for cute hot pink things.

Acting my age is what will get me a good job. People who work with me, have noted the peace and order I can bring to a project. The constructive criticism and sharp remarks I can give, are welcome signs of intelligence and experience. I’m proud of and satisfied with that part of me. It’s definitely not something a young girl could pull off. I never enjoyed being a girl. I am enjoying being a woman very much.

Things I would have liked to learn in school

You know, instead of trigonometry, abstract math, acrobatics, korfball, classical physics and the eighty years’ war.

  • Etiquette when paying for a service and how to calculate a tip
  • Business jargon, communication and negotiation
  • How does a mortgage work?
  • How does insurance work?
  • How could I get in trouble if I’m not insured?
  • When and how can I sue someone?
  • What are my legal rights?
  • What are the laws of our country and when can I go to the Police for help?
  • First aid and when should I go to the doctor?
  • More detailed anatomy of the human body: genitals, teeth, brain chemistry, digestion
  • More on food and cooking

I went on an adventure

I flew all the way to Edinburgh. Those of you who have known me for a while, also know that I am not the adventurous type. Fazed by loud noise, scared of crowds, not good at thinking on my feet, easily overwhelmed, I hide in the safety of my house and the things I know. Or that’s how I have lived my life in the past years. And I think that’s over now.

I did my research, planned my tickets online, and then on Tuesday I just went to the airport and flew to Edinburgh by myself. The flight was over before I had made any progress in my book. A friend was waiting for me at the airport. We walked around Edinburgh and had fish and chips for dinner. He was gracious enough to let me sleep over. We went out for a big Scottish breakfast in the morning, for a walk in the green and hot chocolate at Balbirnie House in the afternoon, and dinner with friends in the evening. We leisurely made our way to the airport on Thursday and I made it safely back home, despite a coughing fit on the airplane. Everything entirely according my loosely pieced-together plan.

Making new frieds is still easy. I love people and they love me right back. There are so many beautiful things in the world, I could never see them all. But I can enjoy every day I can catch a glimpse of life’s miracles. Thank you for enjoying life with me. Let’s go on an adventure. In your head or your heart.